Offerman Consulting
spacer Zone

Vodafone-leed: mijn conclusie van dupliek d.d. 31 oktober 2011

Ir. Drs. A. Offerman
Raaphorst 121
2352 KJ Leiderdorp

Leiderdorp, 31 oktober 2011

Betreft: conclusie van dupliek inzake dagvaarding van Adriaan Offerman door BSR, voor de zitting van 23 november a.s. om 10:00 uur te Leiden

Gedaagde geeft hiermee aan zijn verweer te handhaven. Bovendien wil hij daar het volgende aan toevoegen.

Eiseres stelt in punt 2 van haar conclusie van repliek dat de factuur van september 2009 nog openstaat. Gedaagde stelt juist dat deze factuur niet kan kloppen; daar worden namelijk abonnementskosten in rekening gebracht voor de periode na aflopen van het abonnement. Dat was ook de reden voor gedaagde om de automatische incasso te storneren en contact op te nemen met Vodafone.

De kredietfactuur van 26 oktober 2009 lijkt nu niet de eindafrekening maar een creditering op de factuur van september. Op de factuur van oktober zelf echter staat het kredietbedrag ongespecificeerd onder de kop "Overige Creditering & Korting" en niet onder de ook afgedrukte kop "Abonnementskosten". Bovendien kreeg gedaagde twee weken daarvoor een brief dat "een eindafrekening voor het totaalbedrag" onderweg was. Dat was eerder ook tijdens telefonisch contact met Vodafone toegezegd. Hoe kan een klant de kredietfactuur van 26 oktober 2009 anders opvatten dan als de eindafrekening als Vodafone maar liefst drie keer aangeeft dat de klant de eindafrekening krijgt: tijdens telefonisch contact, in hun brief van 14 oktober en op een ongespecificeerde kredietfactuur waarbij de laatste zin zegt dat verrekend (uitbetaald) wordt.

De verrekening waarover eiseres in punt 4 van haar conclusie van repliek spreekt, heeft nooit plaatsgevonden. Pas in de sommatie van Intrum Justitia lijkt die verrekening (impliciet) te zijn verwerkt onder de "Hoofdsom". Gedaagde geeft zelf in zijn tweede brief naar Intrum Justitia d.d. 2 december 2009 aan dat hij denkt het bedrag te kunnen herleiden. Daarbij geeft hij ook aan een gespecificeerd tegoed gewoon te willen betalen maar zeker geen incassokosten. Dan is de "claim" van Vodafone echter al verkocht aan Intrum Justitia, die daar al allerlei kosten bovenop heeft gestapeld en nooit meer inhoudelijk, alleen met standaardbrieven reageert.

Wat betreft punt 5 waarin eiseres stelt dat gedaagde de post met betrekking tot deze zaak retour zou hebben gezonden, kan gedaagde alleen zijn verbijstering uitspreken. Zoals direct uit alle stukken blijkt, ook die ingediend door de eiseres zelf, heeft gedaagde altijd schriftelijk en inhoudelijk gereageerd op alle brieven.

Hoogachtend

A. Offerman