Op weg naar service-georiënteerde software applicaties

Het is nog wat vroeg voor de grootschalige inzet van web services, maar de toepassingsmogelijkheden zijn enorm. Ze kunnen in elke appliactie worden gebruikt waar real-time informatie of functionaliteit van anderen kan worden geïntegreerd, zowel binnen de eigen onderneming als daarbuiten tussen bedrijven onderling.

Web services maken het mogelijk om allerlei elektronische diensten over het web aan te bieden en af te nemen. Daarmee lijken deze op de manier waarop het World Wide Web in elkaar steekt. Daarbij zijn documenten die over de hele aardbol op web servers verspreid liggen, via de hyperlinks toch als een min of meer consistente wereld voor mensen toegankelijk. Web services doen hetzelfde, maar dan voor software applicaties. Daarbij wordt niet langer meer het hele programma lokaal uitgevoerd, maar kunnen componenten daarvan via het web protocol worden aangekoppeld. Men spreekt in dit verband dan ook van een service-georiënteerde architectuur (SOA).

Daarmee zijn web services vergelijkbaar met Remote Procedure Calls (RPC), waarbij ook functieaanroepen naar componenten die op andere systemen draaien kunnen worden uitgevoerd. Dat maakt web services een op XML gebaseerde vervanging van andere bekende gedistribueerde technologieën als CORBA (Common Object Request Broker Architecture) en COM (Common Object Model). Het voordeel van de helemaal op XML gestandaardiseerde web services is dat de applicaties onafhankelijk zijn van platform en programmeertaal.

Real-time

De toepassingsmogelijkheden van web services zijn enorm: alles waarbij real-time informatie of functionaliteit van anderen in de applicatie kan worden geïntegreerd, zowel binnen de eigen onderneming als daarbuiten tussen bedrijven onderling. Daarbij kunt u bijvoorbeeld denken aan planning en tracking & tracing bij logistieke toepassingen. Of aan CAD/CAM pakketten die direct zijn gekoppeld aan componentbibliotheken van leveranciers, zodat niet alleen de laatste technische gegevens maar ook zaken die voor productontwikkeling van belang zijn kunnen worden benaderd, bijvoorbeeld de huidige prijzen, de beschikbaarheid en verschillende alternatieven. Of aan een GIS applicatie (Geo Informatie Systeem) bij een ingenieursbureau, waarbij koppelingen worden gemaakt naar het Kadaster en het Kabels en Leidingen Informatie Centrum (KLIC) voor topografische ondergronden, infrastructuur en bestemmingsplannen. Of aan keten integratie, waarbij processen van verschillende ondernemingen aan elkaar worden geknoopt. Dat kan bijvoorbeeld gaan om de purchasing afdeling van het ene bedrijf en de verkoopafdeling van het andere, of de koppeling van inkoop aan de ene elektronische marktplaats en de verkoop weer aan een andere.

Verdeeldheid

Hoewel werkelijk alle leveranciers zonder uitzondering de web services technologie in hun product portfolio's hebben opgenomen, zijn ze in feite verdeeld in meerdere kampen. Enerzijds is er Microsoft met zijn .Net technologie en Framework, gebaseerd op de C# programmeertaal. Anderzijds is er de Java wereld, getrokken door onder andere Sun, IBM en BEA, waar men vooral met J2EE (Java 2 Enterprise Edition) werkt. De Giga Group heeft onlangs een vergelijking gemaakt tussen deze twee verschillende platforms. Het is echter niet duidelijk wat de waarde daarvan is; dit is het zoveelste door Microsoft gesponsorde onderzoek waar vanuit de markt een enorme hoeveelheid kritiek op is gekomen omdat het niet objectief zou zijn. In ieder geval beperkt .Net zich wat Microsoft betreft tot de Windows wereld. Hoewel het bedrijf wel een deel van de gebruikte interfaces heeft vrijgegeven, is een ander deel Windows-specifiek, zodat ontwikkelaars die hun software op dat platform ontwikkelen daar ook in de toekomst aan vast zitten. En ondanks dat dit helemaal niet wil zeggen dat de Microsoft toepassingen niet zullen kunnen samenwerken met andere web services toepassingen, hebben ontwikkelaars wel die angst uitgesproken.

Borland, leverancier van ontwikkelomgevingen voor zowel J2EE als .Net en C#, publiceerde begin dit jaar een rapport waarin het bedrijf zegt dat een meerderheid van de developers met J2EE aan de slag is gegaan. Uit ditzelfde onderzoek bleek overigens ook dat de helft van de Europese bedrijven al actief bezig is met het ontwikkelen van web services, met name om het eigen bedrijf met andere te kunnen koppelen.

Het open gedeelte van .Net zal in de toekomst ook op Linux beschikbaar zijn. Ximian (inmiddels onderdeel van Novell) wil in het Mono project een C# compiler, zoveel mogelijk van de CLI libraries (Common Language Infrastructure) en de Common Language Run-Time (CLR) Just-In-Time (JIT) engine ook op Linux beschikbaar maken.

Naast deze platform problemen speelt ook nog dat sommige leveranciers geld willen gaan vragen voor het gebruik van hun standaarden. Aangezien deze daarmee niet meer vrijelijk beschikbaar zijn, is het de vraag of dan nog van echt open standaarden kan worden gesproken.

Vroeg

Het is nog wat vroeg voor de grootschalige inzet van web services. Zowel de standaardisatie als de beveiliging hebben nog tijd nodig om zich verder te ontwikkelen. Bovendien gaapt er nog een enorm gat tussen de web services technologie en de aansluiting daarvan bij de bedrijfsprocessen. Leveranciers ruzieën onderling nog over de verschillende standaarden en richtingen voor wat de orchestratie van web services wordt genoemd.

Hoewel AMR Research verwacht dat web services pas over een aantal jaren geld gaan opbrengen, bieden ze nu al een heleboel interessante mogelijkheden. Bovendien is het voor ondernemingen de hoogste tijd om beleid te maken met betrekking tot web services. Deze zijn inmiddels onderdeel van elke software ontwikkelomgeving, en heel gemakkelijk te gebruiken.

Een eerste belangrijke stap is om applicaties niet langer op de traditionele monolithische manier te ontwikkelen, maar als losse componenten die vervolgens als web services aan elkaar worden geknoopt. Zo groeit men dan zachtjes naar een meer losvaste service-georiënteerde architectuur, waarbij ICT uiteindelijk volledig faciliterend en ondergeschikt moet worden aan de bedrijfsprocessen. Dit is bovendien ook de eerste stap die HP aanbeveelt in zijn Adaptive Enterprise strategie om eerst de ICT infrastructuur en uiteindelijk ook de organisatie zelf flexibeler te maken

Daarnaast zijn web services de manier om functionaliteit te ontsluiten voor partners, leveranciers en afnemers. Daarbij zal men voorlopig moeten vertrouwen op de toepassingen zelf voor de beveiliging ervan. Marktonderzoeker IDC doet de aanbeveling om eerst intern met web services aan de gang te gaan, en pas daarna bedrijven onderling op deze manier te verbinden. De Patricia Seybold Group daarentegen pleit ervoor eerst bedrijven onderling te integreren, juist omdat die externe processen nu al allerlei noodzakelijke faciliteiten bieden. In ieder geval is men het erover eens dat de meer publieke web services pas als laatste aan de beurt zullen komen.

Plaats reactie

Security code Vernieuwen

Verstuur